Vlaamse Volleybalbond KLVV
Home | Sitemap Feedback | Contact | Copyright @ KLVV
     
Clubadministratie
Activiteiten
Agenda
Echo
Topvolley Belgium  
Arbitrage
Cursus (Jeugd) SR Klik
Inschrijving SR Klik
Aanduidingen
Kledij KLIK
Oproep
Homologatie KLIK
Scheidsrechters
Scheidsr. Verslag
Vademecum
Vraag en Antwoord Vraag en Antwoord
Afzeggingen KLIK
Verlofaanvraag KLIK
Ontmoetingen
Competitie
Comp. 2 tegen 2
Beker van Limburg
Beker C-Jeugd
Beker D- en E-jeugd
Beach
Sporthallen
Coachvergunning Klik
Volleyballen
Jeugd
Training Selecties
Steunpunttrainingen
I.P.J.O.T.
SVS - Schoolsport Klik
VIS-Project Klik
Clinics
Trainerscursus

Win For Life
KBC

VRAAG EN ANTWOORD

VRAAG 11.
Wanneer tijdens een wedstrijd met verplichte markering voor het wedstrijdblad de markeerder zijn taak niet kan of wil verder doen. Mag of moet deze vervangen worden en aan welke voorwaarden? Als er een 2de markeerder reeds inschreven is kan deze de taak wel verder zetten maar als er geen tweede markeerder vermeld is wie zal deze taak uitvoeren?

 

ANTWOORD
Als een markeerder zijn taak niet meer wil of kan uitvoeren OF GEWEERD WORDT DOOR DE SCHEIDSRECHTER en er is een tweede markeerder aanwezig, dan dient deze de taak over te nemen.
Indien er geen tweede markeerder aanwezig is dient er een nieuwe markeerder ingeschreven te worden in het vak opmerkingen. Eerste vereiste is dat deze persoon aangesloten is bij de V.V.B. In eerste instantie zou dit iemand moeten zijn van de thuisploeg. Indien de thuisploeg geen nieuwe markeerder heeft mag dit iemand zijn van de bezoekers. Mochten de bezoekers ook geen markeerder ter beschikking kunnen stellen dan mag dit een neutraal V.V.B. lid zijn.

 

VRAAG 10.
Ploeg A valt aan op positie 2. De bal wordt geblokt door ploeg B. De bal rolt over het net en valt aan de kant van ploeg A naar beneden en valt op de grond juist onder het net maar ook nipt over de middenlijn in het speelveld van ploeg B. De scheidsrechter gaf punt voor ploeg B. Moet dit niet voor ploeg A zijn want de bal viel toch niet in het speelveld van ploeg A?

 

ANTWOORD
De scheidsrechter heeft correct geoordeeld. In dit geval dient hij rekening te houden met de zijde van het net waar de bal naar beneden komt. De bal kwam naar beneden aan de kant van ploeg A. Valt hij buiten de zijlijnen van het speelveld dan is de bal “BUITEN” en is het punt voor ploeg A. Valt de bal echter binnen de zijlijnen van het speelveld dan is de bal “BINNEN” en is het punt voor ploeg B.

HOOFDSTUK IV – SPELACTIES.
8. Spelsituaties
8.4. Bal “BUITEN”              Blz. 24.
8.4.5.   hij volledig door de onderste ruimte onder het net doorgaat.

Deze spelregel geldt enkel voor de eerste, tweede of derde bal die door een speler van ploeg X van uit de speelhelft van ploeg X onder het net wordt door gespeeld naar de speelhelft van ploeg Y.

Stel dat de speler van ploeg A die aanvalt de bal op het net speelt zonder dat het blok van ploeg B de bal raakt. De bal rolt dan over het net en valt aan de kant van ploeg B naar beneden en valt op de grond juist onder het net maar ook nipt over de middenlijn in het speelveld van ploeg A. Niettegenstaande het blok van ploeg B de bal niet heeft geraakt zal het punt toegekend worden aan ploeg A omdat de bal aan de kant van ploeg B naar beneden is gevallen en binnen de zijlijnen de grond raakte of aanval “BINNEN”. Valt hij buiten de zijlijnen zal het punt aan ploeg B toegekend worden want aanval “BUITEN”.

 

VRAAG 9 bis.
Wat indien een scheidsrechter die alleen fluit tijdens de eerste time-out opmerkt dat ploeg A met een libero heeft gespeeld terwijl er geen libero werd ingeschreven voor deze ploeg in het vak libero? De betrokken speler stond wel ingeschreven in de lijst van deelnemers van ploeg A.

 

ANTWOORD
Als een speler ingeschreven is in de deelnemerslijst en er is geen libero aangeduid kan hij enkel deelnemen als veldspeler. Neemt hij toch deel als libero dan is dit een fout en moet de scheidsrechter reageren zoals bij een rotatiefout.

HOOFDSTUK III – SPEELFORMULE.
7. Structuur van het spel
7.7. Rotatiefout  Blz. 23.
7.7.2 Bovendien moet de markeerder (in dit geval de scheidsrechter omdat hij alleen is) het juiste ogenblik bepalen waarop de fout werd begaan en de ploeg die de fout beging, verliest alle aangetekende punten, vanaf het ogenblik van de rotatiefout. De door de tegenstander aangetekende punten blijven behouden.

Indien het ogenblik van de fout niet kan achterhaald worden, is verlies van de spelfase de enige sanctie en worden er geen punten verloren.

In dit specifieke geval zal de scheidsrechter moeten kunnen bepalen hoeveel punten ploeg A gescoord heeft met de libero op het veld. Deze punten zouden dan voor ploeg A in mindering moeten gebracht worden. Omdat een libero regelmatig uit het veld gaat tijdens een wedstrijd zijn de punten die zonder libero door ploeg A gescoord werden wel reglementair. Het gaat dus zeer moeilijk zijn het juiste aantal punten te bepalen die gescoord werden in de foutieve opstelling.

Opmerking : geen enkele speler die voor de wedstrijd werd ingeschreven in de deelnemerslijst van ploeg A kan tijdens deze wedstrijd nog worden ingeschreven als libero. Zij kunnen enkel blijven deelnemen als veldspelers.

VRAAG 9.
De scheidsrechter van een reservewedstrijd merkte in de eerste set na 15 punten dat de libero van een van de ploegen niet op het wedstrijdblad stond, noch als speler noch als libero. Hij meldde vervolgens dat deze libero de ganse wedstrijd niet mocht spelen en ook niet meer als libero mocht worden bijgeschreven. Is dit juist?

ANTWOORD.
Indien een speler voor aanvang van de wedstrijd niet werd genoteerd op het wedstrijdblad en de eerste set al gestart is, maar deze speler wil alsnog spelen, dan dient men volgende bepaling van het Competitiereglement toe te passen :

Artikel 20 : Afwijkingen van de Internationale Spelregels:
-Artikel 4.1.3.:
Bij laattijdige aanwezigheid kan men enkel tussen twee sets op het wedstrijdblad bijgeschreven worden. Dit geldt eveneens voor de libero voor zover er geen libero werd ingeschreven op het wedstrijdblad. Na controle van de scheidsrechter mag men deelnemen aan het spel.

De betrokken libero had dus mogen worden bijgeschreven tussen set 1 en 2 als speler en als libero op voorwaarde dat nog geen 12 namen van spelers voor zijn ploeg op het wedstrijdblad vermeld stonden. Hij had dan ook mogen deelnemen aan het spel als libero vanaf het begin van de tweede set.

 

VRAAG 8.
Stel: 2 trainers gaan in hevige discussie en krijgen beide een gele kaart. Wie krijgt dan de opslag? Diegene die de 1e kaart heeft gekregen? Hoe moet je dan beslissen wie de 1e kaart verdient?

 

ANTWOORD.
Indien een lid van ploeg A en een lid van ploeg B gelijktijdig een gele kaart zouden krijgen op het ogenblik dat ploeg A aan de opslag is zal de eerste gele kaart gegeven worden aan de deelnemer van ploeg A, of de ploeg aan de opslag op het ogenblik van de feiten. Dit wordt genoteerd op het wedstrijdblad in het vak “Sancties”. Ploeg B draait dan één positie door en krijgt een punt bij (punt te omcirkelen op het wedstrijdblad). Daarna krijgt de deelnemer van ploeg B een gele kaart. Dit wordt genoteerd op het wedstrijdblad in het vak “Sancties”. Vervolgens draait ploeg A één positie door en krijgt een punt bij (eveneens te omcirkelen op het wedstrijdblad). Het spel wordt verder gezet met ploeg A aan de opslag.

 

VRAAG 7
In de 2e set bij de stand van 10-8 voor Hasselt, maakt Lommel een punt en de opslag gaat van Hasselt naar Lommel. Nummer 3 van Lommel slaat op. De markeerder meldt aan de scheidsrechter dat nummer 6 had moeten opslaan. De scheidsrechter en de markeerder controleren het wedstrijdblad en het rotatiebriefje en stellen hetvolgende vast: de coach heeft een schrijffout gemaakt en nummer 6 opgeschreven in plaats van 3. Bovendien heeft Lommel geen speler ingeschreven met nummer 6. Hoewel de markeerder had moeten opmerken dat nummer 3 niet was ingeschreven, en de 2e scheidsrechter had moeten zien reeds bij het begin van de set dat nummer 3 op het plein staat in plaats van nummer 6, is deze fout pas vastgesteld bij de stand 9-10.

Welke beslissing moet je nu als 1e scheidsrechter nemen: fase herspelen zonder puntenverlies, opslag naar Hasselt en verder spelen met de stand 11-0, of 11-9, moet er een wissel worden uitgevoerd voor het rechtzetten van de fout ...?

 

ANTWOORD
Het betreft een zuiver administratieve fout. Aangezien speler nr 6 niet voorkomt in de deelnemerslijst op het wedstrijdblad had hij niet mogen vermeld worden door de coach op het opstellingsbriefje. Op het ogenblik van de vaststelling dient de scheidsrechter deze administratieve fout recht te laten zetten zowel op het opstellingsbriefje als in de speleropstelling van deze set op het wedstrijdblad en hij dient het spel verder te zetten met nr 3 van Lommel aan de opslag en bij de bereikte stand van 9-10 met een waarschuwing voor spelvertraging voor de ploeg Lommel. Indien er reeds een waarschuwing voor spelvertraging aan deze ploeg gegeven werd wordt dit zelfs een bestraffing of gele kaart voor spelvertraging voor de ploeg Lommel. In dit laatste geval dient het spel verder gezet te worden met Hasselt aan de opslag bij een stand van 11-9.

 
VRAAG 6
Tijdens een wedstrijd raakt een speler zwaar gekwetst. Na een kwartier wordt hij afgevoerd met een ambulance. Zijn ploeg blijft natuurlijk zwaar aangeslagen achter. Er zijn nog genoeg spelers aanwezig om hem te vervangen, maar de meeste spelers willen niet verder spelen gezien de omstandigheden. Telt deze opgave dan als een 'forfait' met bijhorende strafpunten, boetes,...?
 

ANTWOORD
De scheidsrechter stelt vast en noteert op het wedstrijdblad. De verantwoordelijke ontmoetingen zal beslissen over het al dan niet uitspreken van een “forfait”.

Het is dus van het grootste belang dat het resultaat volledig en juist wordt ingevuld, maar vooral dat de omstandigheden in het vak opmerkingen en, indien nodig, op de rugzijde van het wedstrijdblad uitvoerig en correct omschreven worden.
 

VRAAG 5
Na een mindere receptie van ploeg A gaat de bal hoog over het net en dreigt buiten het speelveld te vallen aan de kant van ploeg B. Een speler van ploeg A wil de bal echter nog gaan terugspelen en gaat onder het net naar de kant van ploeg B zonder het speelveld van ploeg B te betreden. Voor dat hij de bal kan spelen wordt hij echter opzettelijk gehinderd door een speler van ploeg B. Wat doet de SR en vooral, welk teken geeft hij?

 

ANTWOORD
Het betreft hier de Internationale Volleybalspelregels 2005, Hoofdstuk IV – Spelacties, blz 27, 10. Bal bij het Net, 10.1. De Bal gat over het Net,  
10.1.2. Een bal in de richting van de vrije zone van de tegenstrever, die het verticaal vlak van het net geheel of gedeeltelijk overschrijdt, en die door de externe ruimte gaat, mag worden teruggespeeld binnen het kader van de reglementaire aanrakingen, op voorwaarde dat :
10.1.2.1. het kamp van de tegenstander niet wordt aangeraakt door de speler;
10.1.2.2. de teruggespeelde bal het verticaal vlak van het net, opnieuw geheel of gedeeltelijk overschrijdt, en door de externe ruimte gaat langs dezelfde zijde van het speelveld.
DE TEGENSTANDER MAG DEZE ACTIE NIET HINDEREN.

De scheidsrechter fluit fout tegen ploeg B en wijst de speler aan die de fout heeft gemaakt.

 
VRAAG 4
Een ploeg weet niet wie van hun er moet gaan opslaan. De kapitein vraagt de tweede SR om een 'opstellingscontrole'. Er is geen voorafgaande rotatiefout gebeurd. Mag dit? Zo ja, wie moet er dan wat zeggen of doen?
 

ANTWOORD
Het betreft hier de Internationale Volleybalspelregels 2005, Hoofdstuk II – Deelnemers, blz 16, 5. Ploegverantwoordelijken, 5.1. Kapitein, 5.1.2.2.
Om toelating te vragen :
b) de opstelling van de ploeg na te zien.

De vraag wordt dus gesteld door de kapitein op het veld aan de eerste scheidsrechter. Deze zal of aan de tweede scheidsrechter of aan de markeerder vragen om te antwoorden.

 

VRAAG 3
Bij een wissel van de kapitein van een bepaalde ploeg, komen de kapitein die het veld verlaat en de coach niet overeen wie de nieuwe kapitein op het veld moet worden. Wie heeft daar dan het laatste woord?

 

ANTWOORD
Het betreft hier de Internationale Volleybalspelregels 2005, Hoofdstuk V – Onderbrekingen en Vertragingen, blz 40, 16. Spelvertraging, 16.1. Types van Vertragingen.
Een onregelmatige actie van een ploeg die de hervatting van het spel doet vertragen, is een spelvertraging, zoals : 16.1.5. een spelvertraging door een ploeglid.

Op het ogenblik dat de kapitein op het veld gewisseld wordt zal de scheidrechter vragen wie de nieuwe kapitein op het veld wordt (fluitsignaal + wijsvinger op de borst zoals kapiteinsstreepje).
Wordt er niet onmiddellijk eensluidend geantwoord dan wordt dit beoordeeld als een spelvertraging. Is dit de eerste spelvertraging in de wedstrijd voor deze ploeg dan zal de scheidsrechter een “Waarschuwing voor Spelvertraging” (16.2.2.) geven. Indien na herhaling van de vraag door de scheidsrechter nog geen eensluidend antwoord wordt gegeven zal de scheidsrechter een “Bestraffing voor Spelvertraging” (16.2.3.) geven en dit kan herhaald worden tot de scheidsrechter een eensluidend antwoord heeft gekregen en het spel kan hervatten.

 

VRAAG 2
Ploeg A doet een reglementaire aanval naar ploeg B. Volgens het traject van de bal zou deze (de lijn) het speelveld van ploeg B raken maar de coach van ploeg B steekt zijn voet vooruit en raakt de bal alvorens de bal de grond raakt. De bal gaat vervolgens uit aan de zijde van de ploeg B.
Welke beoordeling kan in dit voorval het best worden gemaakt:
1. bal is uit (ten nadele van ploeg A) (de bal raakt een voorwerp)
2. bal is in  (ten voordele van ploeg A)
3. bal is uit + een gele kaart voor de coach van de ploeg B
4. bal is in + gele kaart voor coach B
5. opstellingsfout (7 deelnemers op het veld) + gele kaart coach B wegens spelbederf  (deze laatste heeft mijn voorkeur)
Dit is wel geen veel voorkomende actie van de coach maar indien deze toestand zich voor doet moeten wij een juiste beslissing nemen.
Welk teken is hierbij van toepassing?

 

ANTWOORD
Het betreft hier de Internationale Volleybalspelregels 2005, Hoofdstuk V – Onderbrekingen en Vertragingen, blz 41, 17. Uitzonderlijke Spelonderbrekingen, 17.2. Incident vreemd aan het spel.
Mocht er zich tijdens de wedstrijd een incident voordoen vreemd aan het spel, dan moet het spel stopgezet worden en de spelfase moet opnieuw gespeeld worden.

Het teken : beide duimen vertikaal omhoog steken = dubbele fout en de spelfase wordt herspeeld.

Vervolgens dient men rekening te houden met Hoofdstuk VII – Gedrag van de Deelnemers, blz 45, 20. Gedragsbepalingen, 20.1. Sportief Gedrag, 20.1.3.
Deelnemers moeten zich onthouden van ACTIES of houdingen die er op gericht zijn om beslissingen van de scheidsrechter te beïnvloeden, of fouten veroorzaakt door hun ploeg te verdoezelen.
Hier uit volgt een bestraffing (gele kaart) voor de coach van ploeg B, indien dit de eerste bestraffing van de coach van ploeg B in deze wedstrijd is. Ploeg B wordt dus bestraft met het verlies van de spelfase.

 

VRAAG 1.A
Vorig weekend floot ik een wedstrijd in Lummen. In de sporthal van Lummen lopen er een aantal steunbalken dwars over het veld. Achteraf vroegen de 1ste SR en ik ons af wat er moest gebeuren als een bal achter een van die balken verdwijnt. Dan is er eigenlijk nog een meter af te leggen tot het plafond. Wij als scheidsrechters zouden in dat geval niet kunnen vaststellen of de bal al dan niet het plafond geraakt heeft, de bal is uit het gezichtsveld verdwenen.
In de reglementen vind ik hier niet meteen iets over terug. De ene zei vervolgens dat wanneer je de bal niet meer kan zien er gefloten moet worden voor bal 'buiten'. De andere zegt dan weer dat je dubbele moet geven, wat ik eigenlijk ook niet terug vind in de reglementen. Op het gevoel kan je zeker niet af gaan in deze.

VRAAG 1.B
Een bal verdwijnt uit het zicht van beide SR's achter de welbekende steunbalken aan het plafond. Aan de baan en snelheid van de bal kan niet worden afgeleid of de bal het plafond raakt of niet. Wat beslist de SR?

 

ANTWOORD
In Echo Nr 8 van het seizoen 2005-2006 verscheen een gelijkaardige vraag :
Wat moet de scheidsrechter fluiten als de bal achter de verlichting verdwijnt?
Wij kregen op twee weken tijd twee verschillende meningen van de scheidsrechters! Wat is nu juist?

Het betreft hier de Internationale Volleybalspelregels 2005, Hoofdstuk IV – Spelacties, blz 24, 8. Spelsituaties, 8.4. Bal “Buiten”, 8.4.2.
De bal is “Buiten”, wanneer hij een voorwerp buiten het speelveld, het plafond of een persoon buiten het spel raakt.

De scheidsrechters krijgen bij de spelregels ook steeds bijkomende richtlijnen.
In dit geval zijn deze dat het enkel als fout mag gefloten worden als de scheidsrechter de bal de genoemde voorwerpen ZIET raken.
Daarbij werd gesteld dat indien geen enkele scheidsrechter de bal nog effectief kan zien er dient gefloten te worden voor een dubbele fout en dus de spelfase of het punt moet herspeeld worden.

Secretariaat

H. van Veldekesingel 150/50
3500 Hasselt
tel. (011) 87 08 19
fax. (011) 87 08 10
secretariaat@volleylimburg.be

Openingsuren

zaterdag:  09u00 tot 12u00

Clubaansluiting
Verzekeringen
   
Bestuur
PC-Limburg
Commissies
Heb je vragen?
Klik Evolutie - Beleidsplan
50 jaar KLVV
Koninklijk
Reglementen
Clubs
Clublinks
TV & Pers
Sporza
Teletekst
Kranten
Zoekertjes
Ploeg zoekt trainer
Trainer zoekt ploeg
Ploeg zoekt spelers
Speler zoekt ploeg
Oefenwedstrijden
Goed om weten
EHBO E.H.B.O.
Gezond sporten
KLIK Vrijwilligerswerk
   
Volley Awards
   
Ethias
Balans Sport

GI Sport